Behandelprincipes

De praktijk voor Kinder- en Jeugdpsychologie hanteert de volgende behandelprincipes:

1. Passend

Het doel van de eerste inschatting van de situatie is om de samenhang tussen het probleem of de problemen, het gezin en andere betrokken systemen te begrijpen. Er wordt een probleem gedefinieerd als een al of niet uitgesproken wens tot verandering die, mits de juiste bevraging, de cliënt en zijn of haar systeem kan helpen vertalen in een uitdaging.

2. Krachten

De therapeutische contacten benadrukken het positieve en gebruiken de krachtenbronnen van het kind, jongere, ouders, gezin om verandering te bewerkstelligen.

3. Verantwoording

Interventies zijn ontwikkeld om verantwoordelijk gedrag te stimuleren en om onverantwoordelijk gedrag te laten afnemen. Dit geldt voor zowel de ouder(s) als het kind, de jongere.

4. Gefocust op het hier en nu

De interventies zijn gefocust in het hier en nu en zijn actie gericht.

5. Samenhang / rode draad

De interventies richten zich op de rode draad c.q. samenhang tussen het ongewenste gedrag binnen of tussen de verschillende systemen die het probleem / problemen in stand houdt / houden.

6. Ontwikkelingsniveau

De interventies zijn passend bij het ontwikkelingsniveau van het kind, de jongere, ouders, het gezin en het betrokken systeem. Dit kan afwijken van de betreffende kalenderleeftijden.

7. Inzet

De behandeling vraagt toewijding, inzet en actie van het kind, jongere én de ouder(s) én het gezin als geheel. Dit zorgt voor samenwerking tussen de verschillende onderdelen van het systeem. Hierdoor ontstaat er een nieuwe realiteit van op elkaar kunnen bouwen en vertrouwen.

8. Evaluatie

Evaluatie gebeurd tussentijds en maakt bijsturing van de behandeling tijdig mogelijk. Tevens wordt er aan het einde van de behandeling samen met het kind, de jongere, de ouder(s), gezin geëvalueerd. Bij de eindevaluatie wordt ook terugvalpreventie besproken.

9. Generalisatie

De behandeling heeft als doel dat de aangeleerde vaardigheden en inzichten een lange termijn werking hebben en in verschillende situaties door het kind, de jongere, het gezin als geheel én de ouder(s) zelfstandig door gebruik van de eigen krachtbronnen en nieuw verkregen inzichten ingezet kan worden Dit wordt bewerkstelligd door de capaciteiten, veerkracht en copingsvaardigheden te vergroten.